Zondagse lezing

 Zondag  24 juni 2018 – Geboorte van H.Johannes de Doper –B

Jes. Ik stel u aan tot het licht van de volken
Lc. 1, 57-66.80 Johannes zal hij heten

Geboorte en besnijdenis van Johannes
57Voor Elisabet brak het ogenblik aan, dat zij moeder werd; zij schonk het leven aan een zoon. 58Toen de buren en de familie hoorden, hoe groot de barmhartigheid was die de Heer aan haar had betoond, deelden zij in haar vreugde. 59Op de achtste dag kwam men het kind besnijden en ze wilden het naar zijn vader Zacharias noemen. 60Maar zijn moeder zei daarop: 'Neen, het moet Johannes heten.' 61Zij antwoordden haar: 'Maar er is in uw familie niemand die zo heet.' 62Met gebaren vroegen zij toen aan zijn vader, hoe hij het wilde noemen. 63Deze vroeg een schrijftafeltje en schreef erop: 'Johannes zal hij heten.' Ze stonden allen verbaasd. 64Onmiddellijk daarop werd zijn mond geopend, zijn tong losgemaakt en verkondigde hij Gods lof. 65Ontzag vervulde alle omwonenden en in heel het bergland van Judea werd al het gebeurde rondverteld. 66Ieder die het hoorde, dacht erover na en vroeg zich af: 'Wat zal er worden van dit kind?' Want de hand des Heren was met hem. Benedictus
67Zacharias, zijn vader, werd vervuld met de heilige Geest en sprak in profetische woorden: 68'Geprezen zij de Heer, de God van Israël:
want Hij heeft zijn volk bezocht en het verlost.
  69Een reddende kracht heeft Hij ons verwekt,
in het huis van David zijn dienaar,
  70zoals Hij van oudsher had voorzegd
bij monde van zijn heilige profeten,
  71ons te redden uit de macht van onze vijanden
en uit de hand van allen die ons haten.
  72Zo toont Hij zijn barmhartigheid aan onze vaderen
en is zijn heilig verbond indachtig
  73de eed die Hij gezworen heeft aan onze vader Abraham,
  74ons te geven om uit de hand van vijanden bevrijd
Hem zonder vrees te dienen in vroomheid en gerechtigheid
  75al onze dagen voor zijn aanschijn.
  76En gij, kind, zult profeet genoemd worden van de Allerhoogste,
want gij zult voor de Heer uitgaan om zijn wegen te bereiden,
  77om zijn volk de boodschap van verlossing te brengen,
door de vergeving van hun zonden,
  78dankzij de innige barmhartigheid van onze God,
waarmee Hij uit de hemel op ons zal neerzien,
de Opgaande Zon, die verschijnt
  79aan hen die in het duister en de schaduw van de dood gezeten zijn,
om onze voeten te richten op de weg van vrede.'
  80Het kind groeide op en de Geest beheerste hem meer en meer. Hij verbleef in de woestijn tot de dag, waarop hij zich aan Israël in het openbaar vertoonde.